De Petasites hybridus is een vaste plant uit de composieten- of asterfamilie (Compositae of Asteraceae) en wordt ook groot hoefblad, allemansverdriet en pestwortel genoemd. Het groot hoefblad komt van nature voor in Europa en West-Azië.

Het groot hoefblad verspreidt zich snel met behulp van rizomen die lastig te verwijderen zijn. Zelfs een klein stukje wortel groeit uit tot een nieuwe plant. Dit heeft hem de naam allemansverdriet bezorgd. Om deze plant in toom te houden kan je het beste stevige folie om de wortels heen zetten of hem in een pot laten groeien. De naam pestwortel heeft deze plant te danken aan het feit dat de wortel als geneesmiddel werd gebruikt tegen de pest.

De roze bloemen verschijnen in het voorjaar net voordat de bladeren opkomen. Ze zitten in een aar aan een steel van ongeveer 50 centimeter en hebben niet veel sierwaarde. De Petasites hybridus is tweehuizig. Dat betekent dat er mannelijke en vrouwelijke planten zijn. De bloemen van de mannelijke plant produceren nectar en pollen (stuifmeel). Het stuifmeel komt als een wit bolletje op de bloem te liggen. De mannelijke bloeiwijze blijft wat compacter dan de vrouwelijke bloeiwijze en verwelk ook sneller. De vrouwelijke bloemen komen meestal iets later in bloei en dan verschijnen de bladeren ook al vrij snel. De vrouwelijke bloeiwijze groeit wat hoger en luchtiger uit. In de bloemhoofdjes zitten enkele ogenschijnlijke mannelijke bloempjes. Die bloempjes produceren nectar om insecten te lokken, want de vrouwelijke bloempjes produceren geen nectar of stuifmeel.

De grote bladeren staan op stelen van ongeveer 1 meter en lijken veel op die van rabarber. Dat is de sierwaarde van deze plant. Helaas eten slakken graag van de bladeren, waardoor het al snel gatenkaas op een steel is. Daarmee is de sierwaarde al snel weg en houd je een lastig onkruid over.

De Petasites hybridus staat het liefst in voedselrijke, vochtige kleigrond in de halfschaduw of schaduw. Hij is te vinden langs sloten, dijken en beken en in vochtige weilanden.

 

 

Bladkleur: groen

Bloeiperiode: maart – april

Bloemkleur: roze

Eigenschap: jaarlijks opnieuw opkomend

Geurende bloem: nee

Grondsoort: vochtig

Hoogte: 1 m

Standplaats: schaduw/halfschaduw

Trekt bijen aan: ja

Winterhardheid: -30 ºC